Op deze pagina vindt u aantal manieren om de directe woonomgeving groener te maken, ook in afwezigheid van een tuin, voorbeelden in de buurt en contactpersonen voor inspiratie.

Groene daken

Boomspiegels en geveltuinen

Groene Buurttuin Archipelschool

Bijen en hommels

 

Groene daken

groenerebuurt1

Een plant-aardige manier om energie te besparen is met het aanleggen van groene daken. Groene daken verkoelen in de zomer: een groen dak kan tot 21⁰C koeler zijn dan een plat dak, het geeft een merkbaar verschil in temperatuur in de ruimtes direct onder het groen. In de winter is het effect omgekeerd en houdt het groene dak de warmte binnen.  Er wordt bespaard op gas terwijl de ruimte warmer aanvoelt. Een groen dak draagt ook bij aan een betere luchtkwaliteit door de opname van fijnstof en CO2. Het bevordert de biodiversiteit in de stedelijke gebieden, en bijen zijn gek op een groen dak.

Een groen dak kan bijna het gehele jaar door worden aangelegd. Het kost afhankelijk van de situatie, ongeveer 50 euro per m2. De gemeente geeft vanaf april 2015 weer subsidie van maximaal 25 euro per vierkante meter, mits u minimaal 6 vierkante meter aanlegt: http://www.denhaag.nl/home/bewoners/to/Subsidie-groene-daken.htm .

Er zijn verschillende leveranciers. De bekendste zijn, in willekeuige volgorde: Simpel Sedum, Groenedaken.net (webwinkel), Energyguards, Dutch Impressive Green. Sommige helpen met de vergunningaanvraag en kunnen zelfs bijenkasten plaatsen op het dak.

 

Boomspiegels en geveltuinen

In de buurt zijn vele prachtige boomspiegels en geveltuinen te vinden. Ter meerdere inspiratie: In het Bezuidenhout is een boomspiegelproject opgezet met een eigen website en vorige zomer zelfs een boomspiegel fotowedstrijd: http://stokrozen.nl/

 groenerebuurt2

 

Groene Buurttuin Archipelschool

groenerebuurt2a

Het schoolplein van de Archipelschool in de Atjehstraat wordt omgetoverd tot een avontuurlijke groene buurttuin! Op 1 april is de feestelijke opening.

Voor actuele informatie zie: http://groeneschoolplein.blogspot.nl/ . Volg de ontwikkeling ook op facebook: https://www.facebook.com/GroenebuurttuinArchipelschool

 

Bijen en hommels

Bijen en hommels in stad of tuin Bijen en hommels zijn belangrijk voor de mens, maar hebben het moeilijk de afgelopen tijd. In de stad is het voor bijen veel makkelijker te overleven dan op het platteland, dat door overbemesting, bestrijdingsmiddelen en monocultuur veel te weinig voedsel levert. Klik hier voor informatie over verschillende soorten bijen. Hieronder vindt u informatie over hoe u in uw tuintje, op uw terras of zelfs op het balkon een aantrekkelijk leefklimaat kunt creëren voor onze waardevolle vrienden.

Waarom verdwijnen de bijen?

In 2003 verscheen de Rode Lijst van de Nederlandse bijen. Op deze lijst zijn soorten geplaatst die in Nederland als bedreigd of verdwenen beschouwd worden. Dit was even schrikken: 56% van de (destijds) 338 uit Nederland bekende bijensoorten staan op deze lijst. Maar liefst 35 soorten waren sinds 1970 niet meer in ons land gevonden en 83 soorten staan als (ernstig) bedreigd te boek. In 2006 werd in wetenschappelijk tijdschrift Science een studie gepubliceerd naar de Nederlandse en Britse bijenfauna. Hieruit bleek dat de soortenrijkdom aan bijen in de meeste Nederlandse gebieden sterk afgenomen is. Ook bleek dat plantensoorten die door bijen worden bestoven sterker achteruit zijn gegaan dan andere plantensoorten. Een zorgelijke parallel.

behangersbij

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Net als veel andere Nederlandse flora en fauna hebben bijen ongetwijfeld te lijden onder verzuring, vermesting en versnippering van natuurgebieden. Er zijn daarnaast enkele mogelijke oorzaken te noemen die speciaal voor bijen van belang zijn.

• Verarming van de flora. Het aantal plantensoorten en de dichtheid aan bloemen zijn afgenomen. Dit geldt met name voor het agrarisch gebied: intensivering en schaalvergroting van de landbouw hebben een sterke afname van bloemenrijkdom in het landschap tot gevolg gehad. Hierdoor kunnen bijen minder voedsel vinden.

• Het landschap bevat minder ‘kleine landschapselementen’. Het Nederlandse landschap is uniformer en strakker ingericht, waardoor ‘rommelige plekjes’ verdwijnen en variatie in habitats verdwijnt.

• Doordat bijen afhankelijk zijn van een leefgebied waarin zowel de voedselplanten als de nestelgelegenheid op korte afstand van elkaar liggen, is deze insectengroep extra gevoelig voor versnippering van leefgebieden.

Lichtpuntjes?

De Rode Lijst van de Nederlandse bijen dateert alweer uit 2003. Sindsdien is er het één en ander veranderd. Uit recente, nog niet gepubliceerde gegevens van EIS-Nederland blijkt dat de afnames vooral vóór 1990 plaatsgevonden hebben. Hierna lijkt de afname in diversiteit gestopt te zijn. Deels is dit veroorzaakt door een toename van zuidelijke bijensoorten in de periode na 1990, wat mogelijk duidt op invloed van de opwarming van het klimaat. Ook zijn er sinds 1990 23 bijensoorten in Nederland gevonden die hier voordien niet bekend waren. Acht hiervan hebben zich hier inmiddels met populaties gevestigd. Ook dit zijn grotendeels zuidelijke soorten, die zich mogelijk als gevolg van de warmere zomers in Nederland zijn gaan thuisvoelen. Het is moeilijk om deze invloed te scheiden van een eventuele positieve invloed van het veranderde natuurbeleid en -beheer. De bijenfauna is in Zuid-Europa nu eenmaal soortenrijker dan in noordelijke streken. Toch lijkt ons land weer wat rijker aan bijen dan voorheen, en dat stemt hoopvol. De toekomst moet leren of deze ontwikkelingen zich voortzetten.

Wat kunt u het beste planten?

Om bijen aan te trekken heeft u niet eens een enorme tuin nodig en zelfs een balkon kan zich verheugen in het bezoek van talloze bijen mits de juiste planten er groeien. Als u een stadstuin heeft, dan is het niet eens zo moeilijk om uw tuin om te toveren in een waar bijenparadijs. Het voorjaar in onze tuinen en balkons wordt ingeluid door de bloei van sneeuwklokjes en winterakonieten, wat later gevolgd door de krokussen. In het openbaar groen hebben we bijvoorbeeld de gele kornoelje die zeer vroeg bloeit en wat later de bloeiende wilgen en de sleedoorn. Naarmate het seizoen vordert, neemt het aantal bloeiende planten enorm toe en in de zomer gonst het in de stadstuinen van de bijen die ijverig nectar en stuifmeel verzamelen op de bloeiende lavendel, lindebomen en vele andere bloemen. Wel is het zo dat de ene bloem de honingbij en de vele wilde bijensoorten beduidend minder te bieden heeft. Vaak is het massaal aangeplante perkgoed niet erg aantrekkelijk voor bestuivende insecten en zo ook planten met dubbele bloemen.

Een paar handige tips om bijen aan te trekken zullen nu kort de revue passeren. Erg goed voor de bijen zijn kruidenhoekjes met rozemarijn, lavendel, kattekruid, marjolein, tijm, venkel. Probeer ook de planten in groepen te plaatsen zodat de bij efficiënt zijn werk kan verrichten. Anders dan de hommel vliegt de honingbij niet snel van de ene plantensoort naar de andere. Als u van fruit houdt, kunt u kiezen voor frambozen of misschien wel een kleine fruitboom of meerdere. Zorg wel dat u dan kiest voor een zelfbestuiver als u maar plaats heeft voor één boom en het zou helemaal mooi zijn om biologisch geteelde bomen te kopen.

Als u de ruimte heeft, zou u kunnen kiezen voor een inheemse heg met meidoorn, vuilboom, wilde appel, kardinaalsmuts, wilde liguster en spaanse aak. Stuk voor stuk waardevolle struiken voor allerlei dieren, vogels en insecten en die tevens veel sierwaarde bezitten. Belangrijk is dat u gedurende het hele jaar bloeiende planten aanbiedt dus niet alleen in de lente en de zomer maar ook gedurende de late zomer en begin van de herfst. We zien namelijk steeds vaker dat later in het jaar hommels en honingbijen nog actief zijn. Eén van de beste inheemse planten die we vaak in het openbaar groen tegenkomen is de klimop. Vaak wordt deze plant verguisd en men staat niet altijd stil bij de grote ecologische waarde van klimop. Deze plant biedt laat in het jaar volop nectar en stuifmeel aan talloze insecten. De bloemen worden later gevolgd door bessen die in de late winter en zeer vroege voorjaar rijp worden en een welkome aanvulling zijn op het karige menu van verschillende vogels in dit jaargetijde. Met een zorgvuldig uitgekozen plantschema kunt u uw steentje bijdragen aan het helpen van bijen en het verhogen van de biodiversiteit in uw buurt.

Imkers in de buurt

Het aantal stadsimkers is de afgelopen jaren sterk toegenomen, omdat veel mensen zich bewust zijn van de vermindering van de bijenstand en hier zelf iets aan willen en ook kunnen doen. Zoals gezegd: bijen hebben het goed in de stad, vanwege het grote en gevarieerde bloemenaanbod. Ook onze wijk kent een aantal imkers: Manja Muiselaar houdt in haar achtertuintje aan de Borneostraat bijen en heeft zelfs een heel winkeltje gewijd aan producten van bijen en aanverwante artikelen (Ambrozijn). Manja staat vaak op lokale markten om voorlichting te geven over bijen.

Vlak over de grens met het Benoordenhout hebben wijkbewoners Isabel Hylkema en Vincent Sterk, beide biologisch/dynamische imkers, een aantal kasten: op het terrein van het voormalige Europolgebouw hebben zij een paradijsje voor bijen en andere bestuivers gecreëerd. Zie hun website www.blijebijen.nl.

 

Heeft u nog ideeën of suggesties? Laat het ons weten, liefst met een foto erbij!